De hut, waar het allemaal eigenlijk begint
Het Mausoleum, voor al uw oude koeien
Tattoo-Log, sommigen kunnen niet zonder
Inteelt, bij de gratie van

Dorre Iep

02.35 uur. Het metrostation zag er verloederd uit. Toch vond de drugsdealer het prettig om hier te vertoeven. Het gaf hem altijd de rust om bepaalde facetten van zijn leven te overdenken. Zo vond hij de naam drugsdealer niet representatief voor zichzelf. Liever ging hij door het leven als 'de nachtapotheker' of 'de vertier-verstrekker'. Diep in zijn hart wist hij dat scheikundige preperaten verkopen de enige manier was om enigszins van het leven te kunnen genieten, het stemde hem echter altijd droef verplicht om te moeten gaan met het schuim der aarde. Zoals de Voodoo-man. Die man boezemde hem, hoewel hij voor geen kleintje was vervaard, enorm veel angst in. Er was iets met hem wat hem de koude rillingen gaf.

Terwijl hij het station weer verliet, zag hij P. staan, half verscholen achter een dorre iep. P. stond bekend als een notoire kinderverkrachter en de indruk werd gewekt dat hij het ditmaal voorzien had op een peuter, staande naast haar zenuwachtige moeder. De drugsdealer wist dat de moeder verslaafd was, want ze kocht meer dan regelmatig bij hem in. Terwijl hij zijn pas versnelde liep hij richting de iep. P. kreeg geen kans om zijn mond open te doen aangezien de drugsdealer zonder wat te zeggen hem een kopstoot gaf. Terwijl het bloed vrijelijk sproeide uit zijn neusgaten, viel de viespeuk achterover terwijl zijn ogen wagenwijd opengesperd waren van verbazing. "Hee, maar ik deed helemaal niks ....!" Een paar welgemikte trappen op zijn bovenlip deed de man verder het zwijgen toe. Voor de zekerheid stampte hij met zijn hakken meerdere malen op man's jukbeenderen. Oogkassen braken zichtbaar en bloed begon uit allerlei gaten te lopen. Tanden lieten los en vielen in zijn keel. Even kwam de gedachte op iets met benzine te doen, maar zulks was niet binnen handbereik. Nadat de drugsdealer uitgeraasd was, voorzag hij de moeder van een paar valiumpjes en sommeerde haar naar huis te gaan teneinde haar koter onder het huiselijke wol te stoppen.

Een half uurtje later arriveerde hij bij de Voodoo-man. De zonderlinge lucht (het deed hem denken aan een abattoir waar veelvuldig wierook afgestoken werd) in zijn karig appartementje benam hem de adem, maar hij vermande zich en verkocht hem een ons chemische substantie, in de volksmond ook wel bekend staande als 'de witte sloper'. "Hee mon, doe anders gezellig mee, mon! Kom, neem anders een hijsje van deze magnifieke waterpijp. Ik doe er altijd een beetje lijm in, dat geeft waanzinnige resultaten!" bood het pokdalig gezicht, verscholen achter de enorme dreadlocks, aan. "Euh nee, bedankt. Ik moet nog wat zaakjes afhandelen. Het ga je goed en ik spreek je gauw weer ok?" antwoordde hij enigzins bedremmeld. "Ok mon. Peace ok?"

Opgelucht dat hij weer wat frisse stads-urine lucht kon inademen, besloot hij maar huiswaarts te keren. Nauwelijks tien stappen verder hoorde hij iemand zijn naam roepen. "Kom eens hier, we moeten hoognodig praten!" Zonder aarzelen trok hij zijn Browning© en vuurde zesmaal op zijn drie belagers waarvan hij onmiddellijk wist dat het de onderwereldfiguren waren die al een tijdje zijn handel wilde overnemen. Kwaadschiks dus. Drie kogels troffen duidelijk doel en de spreker zeeg naar de grond. Hij zette een spurt in en de straten leken voorbij te vliegen. Adrenaline was voor hem uiteindelijk toch de meest natuurlijke drug.

Na een aantal hoeken omgeslagen te zijn, vloog hij een oud pand in, rende door een paar deuren en tot zijn verbazing hoorde hij een hoop rumoer in een achtergelegen zaaltje. Hij hoorde geen voetstappen van achtervolgers, maar ging voor de zekerheid toch het zaaltje maar in. In de drukte zou hij ze in ieder geval kwijt raken. Terwijl hij de deuren opensloeg zag hij aan de linkerkant een tribune - drukbevolkt en wel - en in het midden van de zaal een enorme halfpipe waar durfals hun kunsten aan het vertonen waren. Hij nam plaats op de tribune en bekeek het schouwspel met grote belangstelling. Hij was altijd al een fervent supporter geweest van het skateboarden. Een verse Gauloises ging in de brand en voldaan leunde hij achterover. Opeens viel er wat beroering te bespeuren. Hee, daar aan de zijkant van de halfpipe .... die man die al die schouderklopjes kreeg, was dat niet dezelfde man die de Pillow-flip had uitgevonden? Het laatste wat hij van de man had gehoord was iets over een vechtpartij waardoor hij geroyeerd was geraakt. Eeuwig zonde, want hij was van grote betekenis geweest voor de skateboardsport. Terwijl hij de man opnam zag hij dat er opeens iets mis ging met iemand op de halfpipe. "Oeiii, dat ziet er lelijk uit!"

Wist u dat er meerdere varianten zijn op dit schrijfseltje? Nee?

Snel hier en hier kijken dan!