De hut, waar het allemaal eigenlijk begint
Het Mausoleum, voor al uw oude koeien
Tattoo-Log, sommigen kunnen niet zonder
Inteelt, bij de gratie van

 

 

Iets kwijt?

 
 
 
 
 
 
 
 

 

Al deze vervuiling mede dankzij

PIVOT
DIGIZAAL

 

 

Iets op uw lever?

 

Reclame!

 

Tattoo Johnny Tattoo Designs World Famous Tattoo Design Gallery - Thousands of Tattoo Designs - Created by top tattoo artists and illustrators

 

Download Tattoo Designs for every Lifestyle

 

 

 

Het gaat niet geheel onopgemerkt

Maligne
17 Aug '05 -
Voor zover ik mij kan herinneren ben ik altijd al driftig geweest. Dat onwaardige sujet met mondkapje, die de gore moed had mij een pets op mijn achterwerk te verkopen, terwijl ik luttele seconden daarvoor nog warm en beschut in mijn vochtige holletje zat, wens ik nog altijd tot in de lengte der dagen een hardnekkige galsteenkoliek toe. Als dat warme moederding met die zachte vleesbergen mij niet had gekoesterd, had ik zeker weten gepoogd zijn neusgaten vol te pissen. Ook al hing ik ondersteboven.
    Voor de rest van mijn zuigelingentijd schoot het ook niet op. Een hoop onmacht, schrijnende billen, bemoeizuchtige vrouwmensen en ladingen smerig voedsel waar ik nooit om had gevraagd. Enfin, ik vertel u niks nieuws, mag ik aannemen.

Op de lagere school ging het al niet veel beter. Meer dan eens verzochten mijn "klasgenoten" mij de watertemperatuur van het gemeenschappelijke closet te meten, van binnenuit. Bijkomend voordeel daarvan was weer dat ik mijn dagelijkse lunchpakket uit diezelfde retirade kon vissen. Met mijn tanden.
    Nee, echt op m’n gemak voelen tijdens die periode, dat kwam er amper van. En omdat ik merendeel van de tijd binnenshuis spendeerde, was het niet meer dan logisch dat ik mijzelf stortte op m’n meest voorname hobby: de wetenschap.

Biochemie, daarin kon ik veel van mezelf kwijt. En waarom? Wie zal het zeggen, misschien omdat ik tot op dat moment kwaad was op alle sociaalgerichte organismen waarvan de mens mijn minst favoriete was. Ik weet nog goed dat de buurvrouw bij mijn vader kwam klagen, omdat ze haar geliefde Tobias (Abessijn, katachtig, vrouwelijk, abrikoos, driedubbele zwarte bandenmarkering, zeer agressief) al dagen kwijt was en haar zopas achter één van onze ramen meende te ontwaren. Onzin natuurlijk, sinds ik subject #5124D de dag daarvoor succesvol had gekruist met subject #5226P (Tibetaanse Mastiff, Canis familiaris, mannelijk, zwart met witte bef, overdadig aanhankelijk), dus dat was pure stemmingmakerij van haar kant. Hersenspinsels, meer niet.
    Een dag later kwam mevrouw de Smeedt aankakken, uiteraard met hetzelfde verhaal. Idioten zijn het.
    Mijn vader liet het wel uit zijn hoofd, een dergelijke zaak bij mij na te vragen. Mijn vader, die was een beetje bang voor mij, en daar had dat litteken boven zijn rechteroog alles mee te maken. Zo gek is dat niet. Ik wilde chocoladekoekjes, geen bord vol laffe peultjes. Toen het er naar uitzag dat het pak koekjes gesloten zou blijven voor de rest van de dag, wierp ik mijn vork. Beste worp ooit, zou ik nooit meer evenaren, sinds ik “sport” in al zijn vormen haatte – jammer genoeg trof ik slechts zijn wenkbrauw. Nadien liet hij mij met rust.

Biochemie dus. Wat zal ik zeggen. Liefde, nee, liefde voelde ik niet voor mijn creaturen. Eerder een soort … verwantschap. De geestesgesteldheid van de ware verschoppeling. Evengoed, ik kon mij er prima mee uitleven. En het stemde me tevreden. Tegenwoordig noemt men het met een mooi woord “genmanipulatie” of “moleculaire genetica”.
    Puur haantjesgedrag, meer niet.
    Ik kan in elk geval gerust beweren dat mijn liefhebberij me door de jaren heen sleepte, want ook mijn middelbare schoolperiode kende zijn kartelrandjes. Meer van hetzelfde: nog altijd wilden mijn "medestudenten" weten wat de gevoelstemperatuur was van het water in het closet, een hoop pukkels, foute kleding - mijnerzijds, bleek veelal -, vuile onderbroeken, te grote onderbroeken, lelijke onderbroeken en een aanhoudend geval van krentenbaard. De korsten wisten van geen wijken. Dat de andere sekse nauwelijks tot geen interesse in mij toonde, mag evident heten.
    Ik richtte me geheel op mijn schoolprestaties, haalde daar de hoogste score ooit en besloot Technische Natuurkunde te gaan studeren. In de vrije uurtjes bekwaamde ik mijzelf in de leer van kernfysica. Ik betrok een flatje, niets bijzonders. Niemand zocht me op, niemand nodigde me uit. Drinken deed ik niet en ik sprak zelden iemand, tenzij je de caissière van de supermarkt meerekende. Mijn ouders stierven terwijl ze op vakantie waren aan een voedselvergiftiging en ik nam naderhand niet de moeite om ze over te laten vliegen. Ze werden ter plekke begraven.
    Ameland, geloof ik.
    Van de buurvrouw kreeg ik een puppy uit een nestje, anders zou ze die beesten toch maar verzuipen. Het was een leuk ding, maar ik kwam nooit toe aan het verzinnen van een passende naam. Voordien had het beest mijn favoriete stoel al ondergescheten. We besloten uit elkaar te gaan - ik mijn miezerige flat, hij op de bodem van het meertje een paar kilometer verderop. Ik besloot het erbij te laten, voor mij geen gezelschap meer.

Mijn studieperiode was in die zin uitstekend dat mijn klassikale collega’s mij links lieten liggen, een willekeurige aframmeling daargelaten. En natuurlijk sloeg ik wel eens terug, maar dat moest ik vrijwel altijd bekopen met een bezoek aan de campusarts. Die overigens net zo goed een hekel aan mij had. Men vroeg mij wel eens waarom ik altijd zo korzelig keek. Ik antwoordde daarop dat het leven één grote aaneenschakeling van ellende was, met zo nu en dan een explosie van uiterste rampspoed. Er was weinig reden tot optimisme.

Afstuderen was een eitje; had het gekund, was het summa cum laude geweest – nu moest ik het slechts doen met “lof”. Een passende baan vinden bleek evenwel onmogelijk. Ik koos voor accounting.
    Domme zet.

Vijfenveertig jaar later mocht ik eindelijk met pensioen. Elke dag hetzelfde, tergende ritme. Dezelfde collega’s, dezelfde lunchpakketten. Dezelfde instant-koffie. Oh ja, en cijfers, cijfers, en nog eens cijfers. Ik kon het destijds niet opbrengen een andere betrekking te zoeken. De regelmaat, hoe gezapig en ongeïnspireerd ook, beviel me wel. Daarbij, elke poging tot afleiding leek gedoemd tot mislukken. Vakantie? Eén en al ergernis. Kotsende Engelsen, schreeuwende koters, gebrekkige service en kwalijke accommodaties. Nee, regelmaat had ik nodig.
    Die moest ik nu zelf zien te vinden. Mijn collega’s scheepten me af met een rieten mand, gevuld met diverse koffie–en-theesoorten en een kaartje: “Flikker op en blijf weg.”
    Zodra mijn pensioen aanbrak, ontving de leegte mij als een donker wak. Ik probeerde te tuinieren, maar een tuin had ik niet. Ik dacht aan de bridgeclub, maar ik realiseerde mij dat ik de mensheid nog altijd oprecht haatte. Laat staan kaartspelletjes. Ik ging naar de platenzaak om een mooie platencollectie op te bouwen, maar ik verdroeg die herrie niet. Ik waagde mij wel eens aan een potje biljarten in het café, maar het verlies greep me bij de strot. De constante sigarettenrook trouwens ook. Ik keerde huiswaarts, bleef daar en besloot mijn oude liefde op te pakken. Kernsplijting, daar zag ik veel speelruimte in.

Inmiddels sta ik op het punt om de bestaande set regels aan te passen. Een beetje spelen met beryllium en deuterium, uit de losse pols hannesen met de zogenaamde kritische massa en voilà: dit massieve apparaat, dat ik de “Plooibewerker” zal noemen, zal ervoor zorgen dat ik nooit meer boos hoef te zijn. Zo dan, één druk op de knop, en over een paar seconden zullen al mijn zorgen weg zijn. Alle kwaadaardige elementen zullen hiermee uit de samenleving gesneden worden.



Eh, … wacht ee-

zeven hadden wat:




Leuk hé, Sail in Amsterdam.
beweerde Rick de Kikker boudweg (link) - 17 Augustus '05 - 12:50






Potverdrie, zoiets heb ik ook wel eens gebouwd!
beweerde Oersoep boudweg - 17 Augustus '05 - 20:44






Wacht, waar heb ik dit eerder gelezen. Ja, of..Nee, ja!

http://www.nu.nl/news/576290/122/Experim..

Toch ?
beweerde David Koresh boudweg - 18 Augustus '05 - 13:28






Zoals de personage in het verhaal zijn er velen. Verscholen in hun flatjes in de Bijlmer of in een Vinex-huisje in Ypenburg. Nooit opendoen als er aangebeld wordt. Alle ellende van de wereld absorberend. En op een dag is het lontje op.

Ik zal blij zijn als dit klote-decennium voorbij is.
beweerde Arduenn boudweg (link) - 19 Augustus '05 - 09:52






Mooie slotzin! Schittere…
beweerde Eduardo boudweg - 20 Augustus '05 - 13:32






Een dag als alle andere.

Duizenden gewonde kraaien, krijsend achter mijn ogen.
beweerde dreadloki boudweg - 22 Augustus '05 - 11:53






Een leven als alle andere.

Een krijsende adolescente dame schreeuwt vanuit mijn kelder om haar leven, het zuur begint nu te bijten. Ik vul een kruiswoordraadsel in en Talpa schalt vanuit mijn breedbeeld.

Ik groet de buurman door de opening van mijn vitrage.
beweerde David Koresh boudweg - 22 Augustus '05 - 14:22